Anton en ongeloof

Studenten geloofden vrij weinig. Anton kon zich erover verbazen. Of was het een reflectie voor wat in zijn eigen hart was. Zijn eigen ongeloof?

Ergens was het ook wel iets gelovigs, iets christelijks, ongeloof. Je niet focussen op je eigen geloof, op jezelf, op hoe goed je gelooft. Maar op God. Op Jezus. Geloven in hém. De focus op hem. Zelfs niet de focus op het gelóóf in hem, maar op hem. Best wel mooi.

Maar toch kon hij zich dan nog afvragen, maakt het uit hoeveel geloof ik heb. Wat zou God hiervan vinden? Dat was een mooie vraag.

En vragen. Dat was een mooi middel. Ook in het contact met studenten. Niet gelijk zeggen wat hij geloofde, maar vragen stellen. Studenten zélf laten nadenken. Omdat je ervan uitgaat dat studenten naar het beeld van God zijn gemaakt. Dus ontzettend, óntzettend dom kunnen ze niet zijn. En omdat Jezus ook vragen stelde. En ook zeker omdat hij het zelf erg fijn vond als mensen hem vragen stelden.

Maar goed, dat ongeloof. Dat zag hij bij veel studenten. Maar misschien zag hij het wel vooral, omdat hij het bij zichzelf zag. En dan was de gedachte mooi, dat het zelfs niet om zijn gelóof ging. Want dat was flucturerend, in ieder geval de afgelopen tijd. Dat betekende dat het oké was om te worstelen.

Geloof. Genade.

Definitie van genade: ‘Genade is de in het christelijk geloof gebruikte uitdrukking voor Gods welwillende toewending tot de mens, die haar hoogtepunt bereikt in de verlossing door Christus.’ (bron: Wikipedia)

Geplaatst op 25/06/2017, in Creativiteit, StudentLife. Markeer de permalink als favoriet. Een reactie plaatsen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s